Trekking in Ladakh en Zanskar GROEPSREIS

27 Dagen India met 18-daagse trekking in Ladakh en Zanskar

De reis start na aankomst met een dag in het dynamische Delhi, waarna we de volgende dag naar Leh vliegen. Tijdens deze vlucht kun je al de wit besneeuwde toppen zien van de Himalaya waar je over enkele dagen doorheen zult wandelen.
Voordat het zover is zullen we eerst rustig in Leh acclimatiseren en het beroemde klooster van Lamayuru bezoeken. Vanaf dit klooster gaan we met de begeleidingsgroep op pad. Tijdens onze tocht zullen we enkele uitdagende passen bedwingen. De moeite wordt dik beloond door het fantastische uitzicht dat je vanaf de top van de passen te wachten staat. Het Zanskar gebergte kent een grote variatie aan kleuren en vormen en wordt doorsneden met riviertjes en lieflijke groene valleien. In de dorpjes kun je interessante, eeuwenoude kloostertjes bezoeken en yakboterthee en tsampa proeven. Op de akkers verbouwt men koren en in de alpine weides vol bloemen zien we herders met hun kudde yaks. De Zanskar regio is eeuwenlang geïsoleerd geweest en ook nu nog slecht bereikbaar. Hierdoor heeft de cultuur en natuur in deze regio maar weinig inmengingen van buitenaf te verduren gekregen en dat wordt al snel duidelijk als je hier doorheen loopt.
Aan het einde van onze trektocht bezoeken we nog de voormalige Britse ‘Hill stations’ Manali en Shimla. Je vindt hier nog prachtige bouwwerken die uit de koloniale tijd stammen. Daarna keren we terug naar Delhi en vandaar weer naar huis.

Het programma geeft de grote lijn van de reis weer. Gezien het avontuurlijke karakter van de reis kan het zijn dat door onvoorziene omstandigheden er ter plaatse moet worden afgeweken van het reisprogramma. Wij verwachten daarom een flexibele instelling van onze reizigers.

Bekijk - Programma

Dag 01:
Vertrek en aankomst in Delhi. Vervoer naar het hotel.
Dag 02:
Vrij te besteden dag in Delhi (naar wens kunnen we hier ook rondleidingen verzorgen). De stad is verdeeld in ‘Old Delhi’ en ‘New Delhi’. Het onbetwiste centrum van Old Delhi is het Rode Fort uit 1648. De roodstenen buitenmuren van 2 kilometer lang en 33 meter hoog zijn indrukwekkend. De binnenkant van het fort is verdeeld in marmeren ontvangsthallen, baden met fonteinen, torens, een moskee, koninklijke tuinen en luisterrijk versierde woon- en leefruimtes voor de Sjah en zijn vrouwen. Het fort is op maandag gesloten. Vlak bij het fort vind je de Jama Masjid moskee uit 1644 waar plaats is voor maar liefst 25.000 biddende gelovigen. Ten zuiden van het Rode Fort markeert een marmeren gedenksteen de plaats waar Gandi is vermoord en hier is inmiddels een park en museum bij gebouwd. Tussen Old Delhi en New Delhi ligt Connaught Place met een wijk die cirkelvormig rond het park is gebouwd. Een van de zijstraten van dit plein loopt naar het hart van New Delhi: de India Gate. Ook dit is een groot plein met park waar een triomfboog de 90.000 gevallenen van de Eerste Wereldoorlog herdenkt. Langs het Purana Qila fort kom je bij het praalgraf van Humayun; alvast een voorproefje op de Taj Mahal. In New Delhi vind je verder de chique ambassadebuurt, tal van musea, een planetarium en de Dilli Haat. Dit is een bazaar waar allerlei etenswaren en handwerk wordt aangeboden: stoffen, muziekinstrumenten, beeldhouwwerk, houtsnijwerk, aardewerk, sieraden, leer, glas, poppen enzovoort. De Bahai Tempel buiten het centrum is een modern bouwwerk in de vorm van een lotus die een beetje doet denken aan de opera in Sydney.
Dag 03:
Zeer vroeg in de ochtend vervoer naar de luchthaven voor de vlucht naar Leh (3.505 m). Na aankomst vervoer naar het hotel en is de rest van de dag vrij te besteden. We raden je aan het zeer rustig aan te doen en veel te drinken (geen alcohol) om je lichaam rustig aan de hoogte te laten wennen.
Dag 04:
Vandaag bezoeken de mooie en boeiende kloosters van Shey, Thikse en Hemis en ook nemen we een kijkje bij het Stok palace. Verder kun je op eigen gelegenheid nog de Shanti stoepa bezoeken en de vele souvenirwinkeltjes of Tibetaanse vluchtelingenmarktjes. Je kunt hier eventueel ook wat laatste spulletjes voor de trektocht kopen, zoals kaarten of mueslirepen.
Dag 05:
Na het ontbijt volgt een lange rit naar Lamayuru (ongeveer 5 uur rijden). Onderweg kun je al volop genieten van het schitterende berglandschap, de indrukwekkende kloosters en de pittoreske dorpjes. We overnachten in een eenvoudig guesthouse.
Dag 06:
Lamayuru (3.510 m.) ligt schitterend gelegen in de bergen vlakbij een rotsformatie die als bijnaam ‘maanlandschap’ heeft gekregen vanwege de lichtgele kleur van het gesteente.
In de ochtend bezoeken we het klooster en na de lunch beginnen we aan onze trektocht door de Himalaya. Houd er gedurende de trektocht rekening mee dat je regelmatig een rivier over moet steken en dit kan tot natte voeten leiden. We raden dus aan om sandalen mee te nemen voor het oversteken van de rivieren (en even je adem in te houden voor je in het koude water stapt). De tocht begint met een stevige klim naar de Prinkita La pas (3.750 m). Een lage pas volgens lokale standaarden en alvast een voorproefje voor de rest van de tocht. Vlak voor de top van de pas kun je als je achterom kijkt nog een keer het Lamayuru klooster in de groene vallei onder je zien liggen. Vervolgens lopen we langs gebedsvlaggetjes en chortens omlaag naar Shila. Vanaf hier is het niet ver meer naar Wanlah (3.250 m). Vanaf vandaag zullen we in tenten overnachten en bij aankomst bereidt de begeleidingsgroep de eerste maaltijd voor ons. In Wanlah zijn wat kleine winkeltjes en je kunt er ook een klooster bezoeken. Looptijd ongeveer 4 uur.
Dag 07:
We volgen de rivier omhoog naar de abrikozenboomgaarden van Phanjila. Vervolgenswordt het pad erg nauw en steil en moeten we voorzichtig lopen. De kloof wordt breder als we Honupatta naderen en we passeren grotten, manimuren en chortens. Bij Honupatta (3.760 m) slaan we onze tenten op. Ook hier vinden we enkele winkeltje en in het midden van het dorp staat een oude ceder boom die volgehangen is met gebedsvlaggetjes. Looptijd ongeveer 6 uur.
Dag 08:
Drie chortens markeren het begin van een lange klim naar de Sisir La (4.850 m). Het uitzicht vanaf de pas over het Zanskar gebergte is bij helder weer onbeschrijfelijk. In de verte zien we ook al de Singge La, de hoogste pas die we tijdens    deze tocht zullen moeten overbruggen. Vanaf de pas dalen we af naar Photaskar (4.200 m). Hier    vind je twee kloostertjes die door monniken uit Lamayuru worden onderhouden. Looptijd ongeveer 8 uur.
Dag 09:
Wederom een lange en zware wandeldag die gezien de uitzichten die ons te wachten staan ook zeker de moeite waard is. We lopen zigzag langs manimuren omhoog naar
een alpine weide vlak voor de pas, waar we kunnen lunchen. Dan nog een korte klim naar de Singge La van 4.970 meter hoogte. De kans dat er sneeuw lig op de pas is groot en we zullen waarschijnlijk langs nog bevroren watervalletjes klimmen. Als je op de pas achterom kijkt zie je bij helder weer het fantastische kleurenpallet van de hoogvlakte (al lijkt het woord ‘vlakte’ op dit moment misschien misplaatst). De volgende uitdagende pas die we over twee dagen zullen beklimmen zien we ook al in de verte liggen. Hierna dalen we snel af naar het tweede Base Camp van de pas (4.550 m.) Als men last heeft van hoogteziekte proberen we nog een half uurtje door te lopen naar het eerste Base Camp op 4.400 meter. Looptijd ongeveer 8 uur.
Dag 10:
We lopen vandaag voornamelijk naar beneden, maar klimmen ook nog over 2 passen; de Kyupa La (4.460 m.) en de Netuke La (4.420 m.). De eerste ligt na het oversteken van de rivier vlak bij het dorpje Skyumpata, dat als een groene oase in de geelbruine bergformaties ligt. Vanaf de tweede pas lopen we omlaag naar het dorpje Lingshet/Lingshod (4.000 m.). Het klooster ligt op de heuveltop en overziet de schitterende vallei. Er wonen ongeveer twee dozijn monniken en het bouwwerk is ouder dan de kloosters in Ladakh en stamt nog uit de tijd dat het boeddhisme zich in deze regio ontwikkelde. De provincie Zanskar is door het omringende Zanskar gebergte geïsoleerd gebleven tegen invallers en daardoor zijn veel eeuwenoude bouwwerken hier nog intact. Looptijd ongeveer 5 uur.
Dag 11:
De klim naar de Hanuma La pas (4.950 m) is steil met scherpe bochten. De top van de
pas is gemarkeerd met chortens en gebedsvlaggetjes en biedt een adembenemend schouwspel. Voor je uitgestrekt ligt het Zanskar gebergte met een veelvoud aan kleuren, vormen en witte toppen. Achter de pas volgen we een rivierbedding naar beneden, dus houd rekening met natte voeten. De vallei wordt steeds nauwer en opent zich pas weer als we omlaag lopen naar Snertse (3.850 m.), een verblijfplaats voor herders langs een kabbelend riviertje. Looptijd ongeveer 8 uur.
Dag 12:
We beginnen de dag met de afdaling naar de brug over de Zingchan Topko/Oma-Chu rivier. Eenmaal de rivier over ben je officieel in de provincie Zanskar. Achter de brug lopen we langs jeneverbesstruiken omhoog tot een mooie lunchplaats, ongeveer halverwege de heuvel. Aangesterkt weer op pad tot de Purfi La pas (3.950 m), een mooi uitzichtpunt waar je diep onder je de Zingchan Topko in de Zanskar rivier ziet stromen. Zigzag naar beneden komen we bij de Zanskar rivier, die we volgen tot aan Hanumil (3.380 m.). De kampeerplaats ligt een eindje buiten het dorp. Je treft hier enkele bhatti’s  (theehuisjes). Naast Hanumil liggen ook de dorpjes Pidmu, Pishu, Chazar, Zangla en Honia in deze vallei van de Zanskar rivier. Ooit vormden ze samen het koninkrijkje Zangla in het begin van de 15de eeuw, maar omdat de paleizen destijds van modder werden gebouwd zijn hier weinig sporen van bewaard gebleven. Veel is er niet bekend over het koninkrijk Zangla. Vermoedelijk werd het gesticht door een van de zonen van de toenmalige Tibetaanse heerser, die zijn rijk onder zijn kinderen opdeelde. Tegen het einde van de 16de eeuw werden de verschillende koninkrijkjes weer verenigd. Looptijd ongeveer 5 uur.
Dag 13:
Een vrij lichte, vlakke loopdag terwijl we de loop van de Zanskar rivier volgen tot aan
Pishu (3.470 m.). Langs een muur met manistenen loop je het dorp in. Er is dan nog genoeg tijd om een (optionele) excursie naar Zangla te maken, de hoofdstad van het voormalige gelijknamige rijk. Je vindt hier nog de ruines terug van het paleis en het klooster. Looptijd ongeveer 5 uur.
Dag 14:
Wederom een makkelijke loopdag die geleidelijk langs de Zanskar rivier omhoog gaat naar onze kampeerplaats in Karsha (3.600 m.). Hoewel het mogelijk is om door te lopen
naar Padum, is het zeker de moeite waard om in Karsha te overnachten. Het klooster van Karsha is de grootste van de Zanskar regio en stamt uit de 10de eeuw. Meer dan 100 monniken leven en leren in het klooster. Zoals veel kloosters ligt het tegen de bergwand aangeplakt met een fantastisch uitzicht over de vallei. Looptijd ongeveer 5 uur.
Dag 15:
Het is nog een korte wandeling naar Padum, de hoofdstad van Zanskar. We komen
hierbij over de Zanskar rivier en langs veel akkers zijn we nu weer in de bewoonde wereld, al is dit nog altijd relatief. Looptijd ongeveer 2 uur.
Dag 16:
Vrij te besteden dag in Padum. Padum (3.670 m.) is de hoofdstad van de geïsoleerde
regio Zanskar. Hoewel de historie van de stad eeuwen terug gaat, is daar vandaag de
dag weinig van te zien. Wel is het mogelijk (maar lang niet zeker) dat het internet hier werkt en je het thuisfront kunt berichten van je belevingen. Maak de brief niet te lang in verband met plotselinge stroomuitval. Verder zijn er winkeltjes waar je frisdrank of snacks kunt kopen. Ook is het mogelijk om een excursie naar enkele kloosters in de buurt van Padum te maken.
Dag 17:
De gids heeft gisteren geprobeerd een jeep te regelen naar Bardan (deze kan niet van te voren al gereserveerd worden). Dit plaatsje ligt ongeveer 10 kilometer van Padum vi
een zandweg (die we eventueel ook kunnen lopen). Het klooster van de Drukpa orde in Bardan is een van de belangrijkste van de vallei. Het gebedswiel is naar zeggen de grootste in de staat Jammu & Kasjmir, waar Zanskar en Ladakh deel van uitmaken. In Bardan stappen we uit en volgen een tijdje de loop van de Tsarap rivier. In de bocht van de rivier klimmen we omhoog naar een plateau waar het dorp en het klooster van Mune zich bevinden. We steken het plateau over en na een korte klim en afdaling komen we aan in Ichar (3.850 m), waar we bij de rivier overnachten. Looptijd ongeveer 6 uur.
Dag 18:
We lopen afwisselend omhoog en omlaag langs de Tsarap rivier. Hierbij zullen we diverse zijstroompjes passeren die op de rivier uitkomen dus houd je sandalen in de aanslag. We overnachten in Purne (3.700 m.), waar de Tsarap en de Kargyak rivier samen komen. Looptijd ongeveer 5 uur.
Dag 19:
Na het ontbijt staat er een optionele wandeling naar het Phugtal klooster op het programma. Blijf je liever in Purne, dan is dat ook prima. Het Phugtal klooster ligt tegen een rotswand aan de oever van de rivier en het merendeel van het klooster is in grotten in de bergwand uitgehakt. Je bereikt het klooster via een primitieve hangbrug over de rivier. In de donkere ruimtes vind je diverse beelden, thanka’s (religieuze afbeeldingen) en muziekinstrumenten. De eenvoudige vertrekken van de monniken bevinden zich onder het klooster. In het klooster vind je ook een inscriptie aan Coso de Koros, samen met William Moorcroft een van de eerste Westerlingen die dit gebied bezocht. Het bezoek aan het klooster zal zo’n 5 uur in beslag nemen en daarna klimmen we door naar Tetha (3.950 m.), om de loopdag voor morgen wat te verkorten. Deze wandeling neemt nog ongeveer 2 uur in beslag.
Dag 20:
We laten de witte huisjes van Tetha achter ons en lopen langs een serie chortens door naar Karu. We komen langs velden met koren, die de plaatselijke bevolking gebruikt om er de voedzame tsampa (geroosterd gerstemeel) van te maken. De akkers zijn afgezet met muurtjes die kuddes dieren ervan moeten weerhouden de velden leeg te eten. Desalniettemin komt dit nog wel eens voor en kan tot flinke ruzies tussen dorpelingen leiden. Vanaf Karu dalen we af naar de Kargyak rivier en steken deze over. Dan weer omhoog over de Lingti rivier naar Kargyak (4.050 m.), naar zeggen de hoogste permanent bewoonde nederzetting van de Zanskar regio. Je kunt hier yakboterthee aangeboden krijgen. De benaming ‘thee’ is verraderlijk aangezien de smaak meer aan bouillon doet denken. Looptijd ongeveer 7 uur.
Dag 21:
We klimmen omhoog naar een indrukwekkende rotsformatie die door de lokale bevolking ‘Gumburanjan’ wordt genoemd. Achter de rots bereiken we wat verderop de bron van de Kargyak rivier. Vervolgens komen we aan bij alpine weilanden met de naam Lakong (4.470 m.) waar vaak kuddes yaks grazen en herders kamperen. In de zomer staan er veel bloemen op de weides, waaronder edelweiss. Hier en daar zie je marmotten opduiken of hoor je hun alarmkreet. We zullen proberen zo ver mogelijk door te lopen naar de pas en daar te kamperen. Looptijd ongeveer 7 uur.
Dag 22:
We weg naar de pas is niet al te steil maar de kans is groot dat het wat glibberen en glijden over sneeuw wordt (stijgijzers zijn niet echt nodig). Op de Shingo La pas van 5.090 meter nemen we afscheid van Zanskar. Als we achterom kijken strekt het betoverende gebergte zich nog een laatste keer uit. Voor ons ligt het Lahaul gebergte en het eindpunt van de trektocht. Over een gletsjer lopen we naar de grazige weides van Ramjak (4.290 m.). Looptijd ongeveer 6 uur.
Dag 23:
Tijdens de laatste loopdag wandelen we vrij geleidelijk omlaag. Pas op tijdens het oversteken van de gletsjer rivier want het snelstromende water en de gladde stenen kunnen verraderlijk zijn. Door velden vol keien en rotsblokken komen we tenslotte bij de brug van Palamo. Hier staan onze wagens al klaar en nemen we afscheid van onze trouwe begeleidingsgroep. Vervolgens rijden we via Darcha naar Jispa, waar we voor het eerst sinds lange tijd weer in een hotel zullen overnachten. Looptijd ongeveer 4 uur.
Dag 24:
De rit van Jispa via Keylong naar Manali (2.050 m.) is een mooie route die over de Rothang pas van bijna 4.000 meter voert. De rit neemt ongeveer 4 uur in beslag en in Manali is de middag vrij te besteden. Met de indrukwekkende Himalayatoppen op de achtergrond en omringd door naaldbomen, is dit een van de mooiste plekjes uit de regio. De stad is een geliefde bestemming voor toeristen uit Delhi die hier verkoeling in de natuur zoeken of op huwelijksreis gaan. Ook de Britten zochten hun toevlucht in deze hill station vanuit de broeierige vlaktes in en om Delhi. Je kunt hier een excursie maken naar de belangrijke Hadimba hindoetempel, het Nagar kasteel en de beroemde tempel van Jagat Sukh.
Dag 25:
De rit naar Shimla (2.200 m.) neemt een groot deel van de dag in beslag. Shimla maakte eens deel uit van het Nepalese koninkrijk maar is tegenwoordig de hoofdstad van Himachal Pradesh. Tijdens de Britse overheersing was dit vooral in de zomer een populaire plek om verkoeling te zoeken. Je vindt hier dan ook nog een aantal prachtige koloniale huizen en hotels uit die tijd.
Dag 26:
We rijden in ongeveer 2 uur naar Kalka en nemen vandaar de express trein naar Delhi, die er ongeveer 4 uur over doet. Na aankomst vervoer naar het hotel. In de avond vervoer naar de luchthaven.
Dag 27:
Heel vroeg in de morgen vertrek naar Nederland, waar we dezelfde dag aankomen.

Bekijk - Inclusief & Exclusief

Inclusief

  • Al het vervoer volgens programma evenals de binnenlandse vlucht
  • Overnachtingen in goede 2 en 3 sterren hotels
  • Hotels met ontbijt en in Jsipa en Manali ook met diner
  • volledig verzorgde trektocht en bagagevervoer met met muildieren en pony’s
  • overnachtingen tijdens de trek in 2 persoonsbergtenten met matrasjes
  • begeleiding van een Engelssprekende gids en tijdens de trek kok en helpers
  • alle permits, entreegelden, excursies en rondleidingen volgens programma

Exclusief

  • Intercontinentale vluchten
  • vlucht Delhi – Leh v.a. € 175,- p.p.
  • visum voor India
  • boekingskosten (€ 25,- inclusief bijdrage Calamiteitenfonds)
  • lunch en diner in de hotels tenzij anders vermeld
  • alcoholische en gebottelde dranken en persoonlijke hotelrekeningen
  • tips en fooien voor de gids , de chauffeur, de kok e.a. begeleiders
  • eenpersoonskamertoeslag € 215,-

 

 

Reis Informatie Aanvragen



Reiscode :

Datum van:

Datum tot:

Reis :

Naam :

Email :

Telefoon :

Extra :